Beenzwaai

Na mijn bezoek aan de sportpodoloog, ga ik vol goede moed aan de slag met de stapel ‘huiswerk’ voor een betere hardlooptechniek . Mijn romp, heup en billen moeten flink aan het werk voor het krijgen van een betere rompstabliteit.

In mijn woonkamer doe ik mijn plankoefeningen, de kniehefloop en beenzwaai- oefening die ervoor zullen zorgen dat mijn romp wat stabieler wordt. De hond kijkt me raar aan als ik aan de het werk ben met een tennisbal en enkelelastiek. Deze helpen me bij het verbeteren van de beweeglijkheid van mijn voeten en het versterken van m’n  spieren. Drie keer per week doe ik trouw mijn oefeningen. Uiteraard alleen op tijdstippen waarop ik zeker weet dat de kinderen niet thuis zijn. Dat scheelt me weer opmerkingen als ‘mam, doe normaal’ en ‘mam, waar ben jij nou mee bezig?’ Ik geef toe, die oefeningen zullen mijn hobby nooit worden. Maar alles voor het goede doel: een betere loopstijl en het voorkomen van blessures.

‘De eerste intervallen ben ik meer aan het denken dan aan het doen

Na mijn oefeningen begin ik mijn eerste hardlooptraining met een warming-up van vijf minuten. Gewoon in mijn oude loopstijl: op hak landen en voet afrollen. Tussen de opzwepende beats door hoor ik de eerste bliep van Runkeeper app in mijn oor. Tijd voor een interval: 1 minuut nieuwe stijl. Alle aanwijzingen flitsen door mijn hoofd: lijf lang maken, kijk naar voren, land op voorvoet dicht onder je lichaam, gebruik actieve armzwaai en ontspan je voeten. Loop alsof je over hete kooltjes loopt in een tempo van 175 bpm.

Smile

De eerste intervallen ben ik meer aan het denken dan aan het doen. Maar de muziek in mijn oor houdt me op de been. Na een stuk of zes intervallen, begin ik het door te krijgen. Bij de tiende voelt het alsof ik zweef. Met een grote smile op mijn gezicht ren ik door de polder. Deze verdwijnt bij de dertiende interval, als mijn kuiten beginnen te branden. Een teken om te stoppen. Voldaan wandel ik naar huis. De eerste stappen zijn gezet.